"Meer zelfrespect en zelfvertrouwen"
Praktijkverhaal EVC-trajecten: Kinderopvang Potje Knor, Geldrop
Medewerkers die niet over de juiste papieren beschikken, maar wel de nodige kennis en ervaring hebben, kunnen via een EVC-traject alsnog een officieel diploma bemachtigen. Vier medewerkers van Kinderopvang Potje Knor in Geldrop hebben nu het traject afgerond.
“Het EVC-traject heeft me zelfverzekerder gemaakt. Doordat je moet opschrijven wat je doet en kunt, weet ik nu heel goed waar ik sta, wat mijn visie is. Ik kan daardoor beter mijn mening geven”, vertelt Ilse Coene. Zij is een van de vier pedagogisch medewerkers van de Geldropse Kinderopvang Potje Knor die afgelopen jaar via de EVC-procedure (Eerder of Elders Verworven Competenties) het certificaat haalde dat recht geeft op een diploma SPW 3.
Hoezo nog een diploma halen?
Aanvankelijk voelde Ilse tegenzin. Zij was een van de oudere pedagogisch medewerksters, deed het werk al tien jaar, hoezo moest zij nog een diploma halen? Met deze terughoudendheid werd respectvol omgegaan bij de EVC-aanbieder, vindt Ilse, die achteraf blij is dat ze heeft doorgezet. “Het heeft me veel zelfrespect opgeleverd. Bij een voorstelrondje had ik er best last van dat ik niet kon zeggen dat ik een diploma heb. Het helpt ook in gesprekken met ouders. Ik heb meer inzicht gekregen in wat ik eigenlijk doe, welke redenen ik heb voor een bepaalde aanpak.” Ilse vond het wel veel werk. Er moet een portfolio worden samengesteld en voor het inscannen en verzenden van documenten als werkverslagen en verslagen van functioneringsgesprekken zijn computervaardigheden nodig. “Niet iedereen is daar even handig in, dat moet je ook leren.” Ook had ze moeite met bepaalde onderdelen van het assessment. “Vooral de rekentest viel tegen, daar zou je je op moeten kunnen voorbereiden.”
Snel en gestructureerd
Ook Naomi Peels, stafmedewerker en lid van het managementteam, is lovend over de EVC-trajecten die bij Kinderopvang Potje Knor via het EVC-loket kinderopvang van BKK zijn uitgevoerd. “Het ging zo snel en gestructureerd, ik stond er verbaasd van”, zegt ze. “Medewerkers die wel de ervaring hebben, maar niet de juiste papieren, kunnen zo op korte termijn alsnog een officieel diploma halen. En het scheelde me veel werk dat BKK het geregel overnam. Ik kon er echt op vertrouwen dat het goed zat. De vier medewerkers die het traject hebben gevolgd zijn ook allemaal positief.”
Flexibele opstelling
Kinderopvang Potje Knor is de afgelopen vijftien jaar van een kleinschalige particuliere kinderopvang uitgegroeid tot een organisatie met vijf locaties en 44 medewerkers. Van hen wordt een zeer flexibele opstelling verwacht. Naomi: “Ouders kunnen iedere week een ander rooster opgeven als ze dat willen. Dat betekent dat wij ook per week roosteren. De medewerkers hebben wel vaste groepen, maar als het anders moet, spelen we daarop in.” Ouders mogen alles vragen, en medewerkers staan altijd open voor iedere vraag. “Bijvoorbeeld of een kind naar hockey gebracht kan worden. Er zijn natuurlijk wel afspraken, maar we beginnen altijd met een positieve reactie. Negen van de tien keer kunnen we aan de wensen voldoen.”
Omgaan met ouders
Scholing is belangrijk voor de organisatie. Naomi: “Omgaan met ouders is iets wat een jonge pedagogisch medewerker niet vanzelf kan. En het is zo belangrijk met welk gevoel een ouder weggaat. Die moet erop kunnen vertrouwen dat je goed voor het kind zorgt. Dat gevoel van ‘dit gaat goed’ moet je kunnen overbrengen aan de ouders.” Leeftijd en ervaring helpen daarbij, maar ook scholing. Dit jaar worden de pedagogisch medewerksters via E-learning getraind in de basisontwikkeling van kinderen. Naomi: “Dat hebben ze maar heel summier gehad op de SPW-opleiding. Bovendien moet je de kennis actueel houden. Het is ook belangrijk in de communicatie met ouders. Ouders zijn vaak onzeker, en als de pedagogisch medewerksters weten waar ze het over hebben kunnen ze de ouders beter adviseren.”
Blijven ontwikkelen
Ilse Coene wil zich blijven ontwikkelen, ook nu het EVC-traject is afgerond. “Het is belangrijk dat je op de hoogte blijft van de nieuwe ontwikkelingen in het vak. Ook de ontwikkeling van je eigen pedagogische visie is belangrijk. Ik wil bijvoorbeeld kinderparticipatie vormgeven. Daarom heb ik een ‘kinderraad’ opgericht op mijn locatie, waar kinderen kunnen aangeven wat voor speelgoed er moet komen en welke regels er in de groep moeten gelden. Ik durf meer los te laten, meer te experimenten. Als een bepaalde werkwijze niet bevalt, kun je er altijd weer mee stoppen.”
BKK, november 2011
Nieuws
In april start BKK de pilot Lerende organisaties in de kinderopvang. Hiervoor zijn elf projecten...
Het inhoudsschema van het Pedagogisch kader gastouderopvang is vastgesteld.
Ook het schrijversteam...


